Dany Franchi & José Luis Prado 2019 Reviews

REVIEW ROOTSVILLE:

Dany Franchi (I) – José Luis Pardo Band (Arg)
Blues
KTBA Vlierden (NL)(17-03-2019)
reporter & photo credits: Freddieinfo club: KTBA 
info band: Dany Franchi (booking: Good Time Booking – Dani Vazzoler)
info band: José Luis Pardo Band (booking: Bluesther Music Agency – Esther Menke)

© Rootsville 2019
Na het gezamenlijk ontbijt deze morgen na een geweldige 23ste editie van de “Southern Bluesnight” in Heerlen ging het plichtbewust met ons “Hotel on Wheels” verder richting Vlierden voor een aangename bluesy afternoon bij onze vrienden van “KTBA”. Onze compadre Ron vertrok richting Voeren, dit voor een beetje groen 😉 Gewoontegetrouw krijgen we hier weer een double bill op het menu en ook vandaag was dit niet anders. Een dubbelconcert met een Italiaan en een Argentijn, of de blueswereld op een schaaltje aangeboden.
Dany Franchi (uitspreken als Franki) bracht vorig jaar zijn album “Problem Child” op de markt. Dany Franchi’s “Problem Child” (album report) gooide hoge ogen en… LEES MEER..

REVIEW ROCKTIMES.DE

Dany Franchi, Support José Luis Pardo & The Mojo Workers – Konzertbericht, 17.03.2019, Zaal Thijssen, Deurne-Vlierden (NL)

…auf der BühneBlues
  1. März 2019
Von Joachim ‘Joe’ Brookes
Künstler: Dany | FranchiJosé Luis | Pardo
Musikstil: Blues
Location: Keeping The Blues Alive.nlZaal Thijssen Deurne-Vlierden (NL)

 

Auch wenn dieses Konzert-Event keine vom Verein Keeping The Blues Alive.nl aufgerufene Headline besaß, konnte man die Veranstaltung im Zaal Thijssen, Vlierden unter die Überschrift ‘Südeuropa Blues’ stellen.
Dany Franchi kommt aus Italien und José Luis Pardo aus Spanien. Letzterer ist mit seiner Band The Mojo Workers unterwegs. In Argentinien geboren, lebt José Luis Pardo mittlerweile in Spanien und hat einige Alben auf den Markt gebracht. So erschien 2008 “Country And City Blues”. 2013 folgte “Live In Madrid” und ein..LEES MEER…

 REVIEW BLUESBREEKER

José Luis Pardo & The Mojo Workers en Dany Franchi overmeesteren KTBA
Tekst: Wil Wijnhoven
Foto’s: Wil Wijnhoven

JLPLangzaam komt het bluesseizoen voor Keeping The Blues Alive in Vlierden tot een einde. Maar dit jaar niet met één uitsmijter maar met twee. Want zo mogen we dit op één na laatste seizoensoptreden bij Keeping The Blues Alive wel noemen.
Voor de tweede keer staat de Spaanse band José Luis Pardo & The Mojo Workers in Vlierden op het podium, deze keer solo maar als support-act van de Italiaanse bluesformatie Dany Franchi. En ik kan nu al verklappen dat het een bijzonder fraaie zondagmiddag is geworden.
De vaste bezoekers van deze blues middagen… LEES MEER…..


REVIEW CONCERTMONKEY

About: Dany Franchi/ Jose Luis Pardo & The Mojo Workers – Keepingthebluesalive – Zaal Thijssen Vlierden 17 maart 2019 – Berry Rombouts Artist: Jose Luis Pardo & Mojo Workers. en Dany Franchi
Date: 17/03/2019
Venue: Zaal Thijssen
Place: Vlierden
Your Reporter on the Spot: Berry Rombouts

 

De gebroeders Brouwer hebben voor vandaag eens niet gekozen voor 2 bands uit de traditionele blues landen, Amerika en Engeland, maar uit Spanje en Italie.

Zoals altijd word ik weer allerhartelijkst verwelkomd door Ellen en Mia Brouwers, jawel, de echtgenotes van de organisatoren Martin en Theo.

Vanmiddag mag de Argentijn Jose Luis Pardo (woont al jaren in Madrid) met zijn Spaanse band, de Mojo Workers, de middag openen.  De 37 jarige Jose Luis heeft inmiddels al 8 albums op zijn naam staan, hij weet dus waar de blues mosterd gehaald wordt. De Mojo Workers line up is; Pasquale Mongie, drums-David Salvador, bas–Guillermo Raises, keys en Jose Luis Pardo, gitaar en vocals.

Toen ik binnenkwam bleek ik bij navraag net de eerste song gemist te hebben. In de 2e  bleus song…LEES MEER –>….


 

The Blues Alive Reunion 2019 (Review RockTimes)

Howlin’Stone/Sugar Boy And The Sinners – Konzertbericht, 22.02.2019, Zaal Thijssen, Deurne-Vlierden (NL)

 

Von Joachim ‘Joe’ Brookes
Künstler: Howlin’ StoneSugar Boy And The Sinners
Musikstil: BluesBlues Rock
Location: Keeping The Blues Alive.nlZaal Thijssen Deurne-Vlierden (NL)
Für dieses Konzert stellte der Verein Keeping The Blues Alive.nl etwas ganz Besonderes auf die Beine.
Unter der Überschrift ‘Blues Alive Reunion’ gelang es den Organisatoren die Gruppe Howlin’ Stone für einen einmaligen Gig auf die Bühne im Zaal Thijssen zu stellen.
Am 17. Dezember 2016 gab die Formation um ….. LEES MEER

 

Giles Robson BAR, Ramirez/Toussaint Blues Band (Review Rootsville)

Giles Robson Blues Alive Revue (UK) – Ramirez-Toussaint Blues Band (CR/NL)
Blues
KTBA Vlierden (NL)(20-01-2019)
reporter & photo credits: Rootsville
info club: KTBA 
info band: Giles Robson – José Ramirez – Thomas Toussaint
© Rootsville 2019
Op een koude zondagnamiddag gaat het richting Vlierden in het gezelschap van de twee PR-mannen van Gevarenwinkel. Normaal staat er hier op de affiche bij de gebroeders Brouwers een hoofdact en een support act ingevuld maar vandaag kunnen we eerlijk gezegd gaan spreken van twee hoofdacts. Zowel de “Blues Ambassador” José Ramirez uit Costa Rica…… LEES MEER

 

Giles Robson BAR, Ramirez/Toussaint Blues Band (Review Concert Monkey)

JOSE RAMIREZ & THOMAS TOUSSAINT BAND/ GILES ROBSON
ZAAL THIJSSEN VLIERDEN

 

Artist: Giles Robson Blues Alive Revue / Ramirez & Toussaint Blues Band
Date:  20/01/2019
Venue: Zaal Thijssen
Place:  Vlierden
Your Reporter on the Spot: Berry Rombouts

 

Het is inmiddels een traditie voor veel blues liefhebbers om in de wintermaanden 1 X per maand naar Zaal Thijssen in Vlierden af te reizen.  De bluesBrouwers Theo en Martin hebben voor deze middag de Nederlandse Thomas Toussaint Bluesband met gast Jose Ramirez uit Costa Rica  gecontracteerd. En omdat geld blijkbaar geen rol speelt is ook Giles Robson uit Engeland het kanaal overgestoken.

Zoals het inmiddels ook traditie is…. LEES MEER.

 

Giles Robson BAR, Ramirez/Toussaint Blues Band (Review Bluesbreeker)

Zondag 20 januari 2019, café-zaal Thijssen, Vlierden
Keeping The Blues Alive presenteert: Toussaint Blues Band Feat. Jose Ramirez and Giles Robson Blues Alive Revue

Tekst: Paul Scholman
Foto’s: Wil Wijnhoven

Met gemengde gevoelens pen ik dit stuk op papier. Nog geen acht maanden geleden stond op deze plek Mike Ledbetter en Mike Welch, twee dikke vrienden, de pannen van het dak te spelen. Juist op de dag dat ik eindelijk met dit verslag kan beginnen slaat het bericht van Ledbetters plotseling overlijden in als een bom. Een bijzonder aardige vent en een uitstekende zanger ontvalt ons veel te jong.

Thomas Toussaint, die op allerlei fronten aan de weg timmert in de Nederlandse bluesscene, is…. LEES MEER


 

Giles Robson BAR, Ramirez/Toussaint Blues Band (Review RockTime)

Giles Robson Blues Alive Revue, Support Ramirez/Toussaint Band Konzertbericht, 20.01.2019, Zaal Thijssen, Deurne-Vlierden (NL)
Von Joachim ‘Joe’ Brookes
Künstler: Giles | Robson, Jose | Ramirez, Thomas | Toussaint Band
Musikstil: Blues
Location: Keeping The Blues Alive.nl, Zaal Thijssen Deurne-Vlierden (NL)

Neben den üblichen Konzerten mit Bands im original Line-up bietet der Keeping The Blues Alive.nl-Verein auch ganz besondere Auftritte an.
So ist es der Fall bei der Giles Robson Blues Alive Revue. Giles Robson, seines Zeichens Harmonikaspieler und Sänger, bekam die Aufgabe, speziell für diesen Auftritt, eine Band zusammenzustellen…….LEES MEER


 

Sean Chambers (Review ConcertMonkey 2018)

SEAN CHAMBERS – KEEPINGTHEBLUESALIVE – ZAAL THIJSSEN – VLIERDEN
16 DECEMBER 2018 – Berry Rombouts
Artist: Sean Chambers / Bourbon Street
Date: 16/12/2018
Venue: Zaal Thijssen
Place: Vlierden

 

Your Reporter on the Spot:

Berry Rombouts

Het is een mistige druilerige dag vandaag, dus een hele goede reden om naar Vlierden te rijden, om daar te gaan genieten van een middagje heerlijke  bluesrock music, en om de mistroostigheid buiten even te vergeten.

Zoals altijd wordt ik bij binnenkomst hartverwarmend verwelkomt door Mia en Theo, Ellen en Martin Brouwers. Theo en Mia waren nog in de wolken vanwege hun blues vakantiewerk in de States, waar ze heel veel concerten hebben bijgewoond en nieuwe contacten hebben gelegd. Wie weet wat voor moois er nog naar Vlierden komt.

Deze middag wordt geopend door Bourbon Street. Deze band bestaat uit de Belgen, Wilfried Claessen, drums-Mario Jossels,bas en lead vocal—Luc Boonen,bluesharp en de Nederlander Rene Niessen, gitaar. Hun repertoire bestaat uit eigen werk en covers. Ze spelen slow en tempo blues, soms wat rauw, dan weer subtiel.

Natural High, Mercy Mercy en Gypsy Woman  en de song bijna op het eind met mooi wah wah spel van Rene vond ik wel hoogtepunten in deze set. Alles kwam voorbij in deze set, goede zang, degelijk basspel van Mario.  Strak drumwerk van Wilfried en goed (soms jankend) harpspel van Luc. De nagenoeg volle zaal beloont Bourbon Street met een welverdiend applaus. Bourbon Street is vooral collectief een degelijke band.

+++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++

Na een korte pauze mag de Amerikaanse gitarist, songwriter Sean Chambers met zijn band het publiek entertainen. Dit optreden is de laatste gig uit een serie van 9 gigs van zijn eerst Europese tour. Sean heeft al 7 albums uitgebracht en vanmiddag speelt hij vooral werk van zijn laatste 2 albums; Trouble and Whiskey, en Welcome to my Blues. Deze 2 albums zijn opgenomen met de musici waarmee hij nu in Europa toert. De bezetting is; Todd Cook,bas.  Scott Phillips,drums. Rick Curran, Hammond keys.

De band opent sterk met een instrumentaaltje, ‘Chicken Shack’ een mid tempo song waarin Sean meteen uitpakt met een scherpe solo op zijn Fender. In ‘Ten til Midnight’ een swingende rocksong, toont Rick zijn skills op de Hammond met een wervelende solo. Sean heeft een aangename warme stem met een wat rafelig randje. Doet iets denken aan Gary Moore. In deze song voor het eerst vanavond backing vocals van Todd.  Sean heeft met ‘Gonna Groove’ en ‘Chunky’ ook 2 funky songs op de setlist staan. In ‘Chunky’ staat Todd in de spotlight met een vette bassolo, en Scott met een spannende solo op zijn gedecimeerde drumkit.

Met ‘Trouble and Whiskey’ heeft Sean volgens mij zijn eigen blues klassieker geschreven. Wat een geweldige mooie song is dit! Op het podium legt Sean zijn hele ziel in een afwisselende gemene  gitaar solo en in passievolle zang. Hoogtepunt!!!

Met ‘Cherry red Wine’ van Luther Allison wordt de eerste cover gespeeld, een tragische slow blues waarin Sean eigenlijk zingt; dat drank meer kapot maakt dan je lief is. Mooi emotioneel gitaarspel van Sean, begeleid met gedragen Hammond spel van Rick. Halverwege deze song tovert Rick nog een vlammende solo uit zijn Hammond. De winter is al in ons land, maar Sean en zijn mannen slagen erin om met de song, ‘In the Wintertime’ ons het winterse weer even te doen vergeten, met pakkende solo’s op Fender en Hammond. Dit solo geweld wordt vakkundig met strak drumwerk van Scott en stuwend basspel van Todd ondersteund. Nog even vermelden dat Scott zijn drumkit gehavend is door een ongelukje in Frankrijk. Vanavond alleen een snare en kickdrum en cymbals, maar Scott drumt net alsof hij geen ketel mist.  Klasse. Na deze dampende set even op adem komen met n drankje.

Ik zag zojuist achter in de zaal dat Sean de pauze ook benut om samen met zijn mooie en leuke vrouw Karen merchandise te verkopen. Het is druk bij hun shop.

Weer op het podium krijgt het publiek met “Travelin North’ van John Ginty meteen een opzwepende  song voorgeschoteld met mean snarenwerk van Sean, en weer een vloeiende Hammond solo van Rick. Met het rockende ‘Red Hot Mama’ waarin Sean met fantastisch slide spel de show steelt, loopt de temperatuur lekker op in de zaal. Met de up tempo song ‘Cho Cho Mama’ van Alvin Lee’ houden Sean en zijn  mannen de temperatuur en sfeer goed op peil.

Scott trommelt met een catchy ritme de 1e cover van deze set op gang; ‘Going Down’ van Freddie King. Deze song is door heel veel grote artiesten al gecoverd, oa, Joe Bonamassa, en Jeff Beck. Maar deze versie van Sean mag er zeker zijn, met een paar mean solo’s van Sean, massief spel van Rick op zijn Hammond en een bijdrage van het publiek dat de titel zingt op ‘bevel’ van Sean.

In het aanstekelijke ‘Welcome to my Blues’ de titelsong van zijn nieuwste Cd, wordt het publiek door Sean wederom verwend met scheurende gitaar riffs en een rockende band. In de power rock song ‘Handyman’ geeft Sean een toch wel nieuwe betekenis aan de term handyman. Bij Sean is het een persoon die gebroken harten fixt. Dit kan een baan met toekomst worden, gezien het grote aantal gestrande relaties in deze tijd. In deze song is vooral de ritme sectie erg goed op dreef.

Een van de eerste optredens van Sean was in 1998 met Hubert Sumlin. Ze speelden toen samen ‘Killing Floor’ .Vanavond draagt Sean deze song op aan Hubert Sumlin, die in 2011 is overleden. Een catchy nummer waarin Todd  de hoofdrol speelt met repeterende  baslijnen. Goed hoor. Met de slow blues ‘Be careful with a Fool’ legt Sean nog maar eens heel zijn ziel in zijn gitaarsolo’s.

We naderen stilaan het einde van de 2e set. Ondertussen verwisselt Sean zijn Fender voor een Gibson, en vertelt, dat hij een song van de great Irish blues player Rory Gallagher gaat spelen. Er volgt meteen een enthousiast applaus en gefluit. Het publiek heeft er na bijna 2 uur enerverende muziek nog duidelijk zin in. Sean zet met jankend slidespel ‘Bullfrog Blues’ in gang. Sean’s stem lijkt soms wel op die van Rory. De band blijft lekker strak spelen, terwijl Sean weer laat horen dat hij het slidespel tot in de finesses beheerst.

Met het groovende ‘You got to help Me’ als toegift wordt de 2e set afgesloten. Het pompende ritme lijkt toch wel wat op Green Onions van Booker T.  De band geeft nog een keer alles in deze uitgesponnen afsluiter. Virtuoze solo’s van Sean op zijn Fender, en van Rick op zijn Hammond. De ritme sectie, Todd en Scott pakt na 2 sets ondersteuning uit met een groovende bassolo en puik drumwerk.

Time flies when you’re having a lot of bluesy fun. Ik heb na het optreden nog wat rondgehangen, en iedereen die ik sprak was lovend en enthousiast over Sean en zijn band. Ze hebben een geweldig visitekaartje achter gelaten. En niet onbelangrijk, het zijn bijzonder aardige mensen. Hopelijk pikken organisatoren dit op, en zien we de Sean Chambers band terug in 2019.

Nog een compliment voor de geluid en licht crew, het was top. Dit geld ook voor het zaal Thijssen personeel. En zeker ook aan de KTBA organisatie.

 

Verslag : Berry Rombouts


 

Sean Chambers (Review Rootsville 2018)

KTBA Special
Sean Chambers (US) – Travellin’ Blue Kings (B/NL)
Zaal Thijssen Vlierden (NL) (16-12-2018)
info organisatie: KTBA

info band: Sean Chambers (US) – Bourbon Street (B)
 

Derde “KTBA Special” dit seizoen hier bij de Brouwers brothers & sisters en derde keer op rij ook een Belgische blues band op de affiche. Vandaag is dit Bourbon Street en het lot wilde dat we ze gisteren nog maar pas aan het werk hebben gezien op de “Christmas Blues Night”. Als headliner is er dan de nog relatief onbekende Sean Chambers die we enkel nog maar kennen van zijn vorig jaar uitgebrachte “Trouble & Whiskey” en het in 2009 verschenen “Ten Till Midnight” en Sean is hier niet bepaald om kamermuziek te komen spelen. Na een mistige en sombere tocht richting “Noord-Brabant” kwamen we uiteindelijk aan in het ons al wel bekende blues dorpje Vlierden. Moest het niet zijn dat hier haast maandelijks een “KTBA Special” komt plaats te vinden zouden we van dit plaatsje nog nooit hebben gehoord en na al een paar jaartjes is het gewoon een certitude geworden om naar Hotel Thijssen af te zakken. Stilaan ontwaken hier ook al de “Alaaf” kreten in Hotel Thijssen maar toch lokken de gitaarrifjes ons naar de ernaast gelegen zaal voor “de” blues.

We kennen hier in België wel allen de bordjes waarop vermeld staat dat een desbetreffende gemeente of stad verbroederd is met één of andere zusterstad ergens in Europa. Wel in het Nederlandse Vlierden is dit ook het geval voor een plaatsje ergens in Florida en misschien heeft één van de eilandjes in de “Keys” wel al stiekem de naam “Brouwers Island” toebedeeld gekregen. Het is een publiek geheim dat de Martin en Theo hun prospectie gebied voornamelijk in Florida bevindt, en op één van hun trektochten doorheen “La Florida” kwamen ze dan deze Sean Chambers tegen. Na wat ellebogenwerk kwam er een “European Tour” tot stand en was het Ray Bodenstein van het agentschap “Blue Bridge” die bereid werd gevonden om de hort op te gaan met deze Floridariaanse gitaarvirtuoos 🙂 Als support act kwamen ze uit bij onze eigenste Bourbon Street maar eerst maken we tijd voor een Bavaria pilsje…

Alle blues families hier verenigd in “Zaal Thijssen” en wanneer de klok van Arnemuiden, sorry, Vlierden drie komt te slaan is het Martin die Bourbon Street komt aan te kondigen. Gisteren hadden we Mario, Luc, Wilfried en René al aan het werk gezien en dus wisten we al een beetje wat komen zou…en dat was geen Christmas song, laat staan NOLA 😉 Nee, wel shuffels en boogie, de bouwstenen van bluesmuziek. Om deze “Bourbon Street” een handje te helpen zat de ambiance al meteen goed, dus “Helping Hand” als opener dan maar.

Van boogie naar shuffle dan met “Hometown” en op onze Limburgers zat na hun nachtelijke escapade in Sint-Lambrechts Herk nog geen spatje verval op. Gedragen door de basvibes en de whiskey klankkleur van super Mario kwamen deze gasten ook Vlierden hier moeiteloos in te palmen. Anka, Teun en die wereldberoemde blues schilder van Nederland, den Theo vonden dat het goed was, en wij dus ook. Bij ons aan het tafeltje zaten dan weer de “die hards” van Zilst Blues verdoken voor hun zoveelste injectie van deze “Bourbon Street”.

Tijd voor wat bezinning dan met het aangrijpende “Never Forgotten” met in de hoofdrol Luc en René waarna met wat “Chubby” time iedereen terug tot de realiteit werd geroepen. Sterke set en dan moest het wondermooie “The Owl” nog gaan komen, en zo werden alle blues liefhebbers voor de tweede keer deze namiddag gewoonweg koud gepakt. Yep, dit is Belgisch. Een uitgesponnen “Honey Hush” van Albert Collins, dat eigenlijk van NOLA man Big Joe Turner is uit 1953, kwam ook het einde in te luiden van hun passage hier op deze “KTBA Special”. Toch nog tijd voor een toegift en dat werd dan “Drunk”, Cheers! Zo en een “Christmas Single Malt” zou best smaken nu 🙁

Tijdens de change-overs tijd voor wat socializing en een “kerst bitterbal” met voor ons nu een Spa blauw. Dacht dat ik het aan de bar mooi had verwoord en besteld blues sister Anka gewoon een plat watertje 😉 De soundcheck werd eerder al gehouden en dus konden Sean Chambers en zijn band er tijdig aan beginnen. Een primeur dus voor Europa met dank aan Theo en Martin. We komen hem nu pas te ontdekken en toch heeft Sean al 7 albums op zijn conto. Zijn inspiratie haalde hij bij Hendrix en Gallagher maar persoonlijk vind ik zijn sound en looks beter bij die van Moore passen. Als het maar stevig gitaarwerk is zeker!

Naast Sean Chambers zelf staat ook zijn band in de spotlights en die bestaat uit toetsenist Rick Curran, de ritme sectie met enkel een snare en bassdrum, Scott Phillips en bassist Todd Cook. Deze “European Tour” staat uiteraard ook in het teken van zijn recent verschenen album “Welcome To My Blues” en het is enkel bassist Todd Cook die op de opname van dit album aanwezig was. Sean Chambers begon zijn carrière in de blues in 1998 aan de zijde van Hubert Slim. In 2003 kwam hij pas echt op eigen benen te staan en startte hij met zijn eigen band al bracht hij in 1998 als solo artiest reeds het album “Strong Temptation” uit. In 2004 bracht hij “Humble Spirits”, in 2009 was er dan “Ten Till Midnight” waarna er in 2011 een ‘Live’ album volgde. 2013 was het jaar dat “The Rock House Sessions” uit werd gebracht en na “Trouble & Whiskey” volgde kwam er dus dit jaar “Welcome To My Blues”. Blues enough…

Na een meer dan gesmaakt instrumentaaltje als intro maakt Sean er eerst werk van om ons te laten kennismaken met zijn vorige albums. Nummers als “I Need Your Lovin” en “Cut Off My Right Arm” komen zo uit het album “Trouble & Whiskey”. Op zijn album “Humble Spirits” speelde destijds Bernard Allison mee, zoon van Luther Allison en dus is en blijft er een band met de Allison’s. Op zijn laaste album en ook vandaag hier in Vlierden brengt Sean Chambers een ode aan Luther met diens nummer “Cherry Red Wine” en toont gans de zaal hier zijn bewondering voor Chambers en Allison.

Naast zijn eigen talent als songwriter komt deze Sean Chambers ook zijn bewondering te uiten voor namen als BB King met diens “Be Careful with The Fool”. “Red Hot Mama” is dan weer uit zijn “Welcome To My Blues”. Don Nix dan of moeten we zeggen Freddie King want “Going Down” wordt steeds gerelateerd met die ene King. Ook zijn samenwerking vroeger met Hubert Sumlin krijgt hier een vervolg met “Killing Floor”. Uit een huwelijk van blues rock en rock ’n roll krijgen we ook nog een flashback naar Alvin Lee en Rory Gallagher en zo heeft deze Sean Chambers zich hier in Vlierden reeds onsterfelijk gemaakt. More van deze Moore en zo trekken wij terug richting (Ge)Varenwinkel.

Op 20 januari vieren we hier de intrede van 2019 in het gezelschap Giles Robson en zijn Blues Alive Revue. Be there!

 

Interview met Sean Chambers (ConcertMonkey 2018)

INTERVIEW SEAN CHAMBERS – ZAAL THIJSSEN VLIERDEN
16 DECEMBER 2018 – Walter Vanheuckelom
Artist: Sean Chambers
Date: 16/12/2018
Venue: Zaal Thijssen
Place: Vlierden
 
Na het laatste concert van zijn eerste Europese tournee vond Sean Chambers nog tijd om ons even te woord te staan. Een paar minuten daarvoor had hij gans de Zaal Thijssen in vuur en vlam gezet met zijn geweldig goed concert. Samen met bassist Todd Cook, drummer Scott Phillips en toetsenist Rick Curran wist Sean Chambers tijdens zijn meer dan twee uur durende concert iedereen in de zaal te overtuigen van zijn kwaliteiten. De veelzijdige uitmuntende gitaarsolo’s van Sean waren niet te tellen en waren een lust voor het oor. Deze ex Hubert Sumlin bandleider en gitarist is een echte aanwinst voor onze Europese podia.

 

Hallo Sean,
Welkom in Europa. Hoe gaat het met je? Kan je in het kort aan onze lezers vertellen wie Sean Chambers eigenlijk is.
Hallo, dank jullie voor jullie tijd en voor het interview. Ik ben een Amerikaanse gitarist/zanger en songschrijver, die blij is dat hij eindelijk in Europa geraakt is. Theo en Martin Brouwers proberen me al drie jaar naar Europa te halen. Er kwam altijd iets tussen, maar de volhouder wint en hier zijn we dan. Muzikaal ben ik begonnen zoals veel andere jongens beginnen, namelijk bij een lokale band. Later heb ik mijn eigen band opgericht en in 1998 verscheen mijn debuutalbum ‘Strong Temptation’. In datzelfde jaar werd ik door Hubert Sumlin gevraagd om gitarist en bandleider bij hem te worden. Hubert had zelf geen band, hij was altijd gitarist geweest bij Howlin’ Wolf en werkte ook samen met Muddy Waters. Deze kans kon ik niet naast me neer leggen en zo heb ik mijn solo carrière een paar jaar on hold gezet. De volgende vier jaar was ik gitarist bij Hubert Sumlin en met Hubert ben ik op tournee geweest in het United Kingdom, Ierland en Japan. We speelden zelfs in Rory Gallaghers hometown Cork. Met Hubert heb ik ook overal in de USA gespeeld. Het was een voorrecht om met zo een geweldige man als Hubert Sumlin op te trekken. Ik heb veel van hem geleerd, zoals hoe je blues moet spelen en het leven op tournee. Hubert leerde me ook dat je elke avond, het beste van jezelf moest geven, zelfs als er maar twintig personen in de zaal zaten. Iedereen die naar een concert kwam had betaald en verdiende het om een uitstekend concert te krijgen. Hubert en ik maakten in die tijd ook een belofte aan elkaar, namelijk dat we blues zouden blijven spelen tot het echt niet meer ging.
Hoe ben je in contact gekomen met Hubert Sumlin?
Mijn toenmalige manager Steve Einzig, waarmee ik mijn twee eerste albums maakte, werd een tijdje nadat mijn debuutalbum ‘Strong Temptation’ verscheen ook manager van Hubert Sumlin. In die periode moesten we spelen op het Stock Festival in Memphis. In elke club in Beale Street speelde dan een band. Mijn band speelde in de Black Diamond, de club naast de BB King Club. Op een bepaald moment vroeg mijn manager Steve Einzig of we voor Hubert Sumlin wilden spelen want die had een band nodig. Natuurlijk wilden we dat en Hubert sprak met mijn manager af dat we een setlist van negentig minuten moesten repeteren, het speelde niet echt een rol welke songs. Dus wij repeteerden verschillende weken op Howlin’ Wolf en Hubert Sumlin songs. Toen we in Memphis aankwamen om aan het festival te beginnen moest ik met Steve Einzig mee naar de hotelkamer van Hubert, om ons aan elkaar voor te stellen. Ik was bloednerveus want we hadden elkaar nog nooit ontmoet. Toen Hubert de deur van zijn hotelkamer opende zag ik een vriendelijke man die me dadelijk op mijn gemak stelde. Ik wilde hem de setlist laten zien die we geoefend hadden, maar dat was zelfs niet nodig. Hij zei dat het enige wat belangrijk was er voor te zorgen dat wij en het publiek plezier hadden tijdens het concert. Hij zei ook dat het niet zo belangrijk was als er een fout gespeeld werd, gewoon doorgaan en plezier beleven aan het concert. Hubert kon je zo op je gemak stellen zodat ik en mijn band geen zenuwen meer hadden toen we het podium op moesten. Na het concert was Hubert zo tevreden dat hij mij en mijn band vroeg om zijn vaste band te worden.
Ik wist dat jij gitarist en bandleider bij hem was, maar ik wist niet dat jouw volledige band mocht spelen bij Hubert.
Jawel, mijn band werd zijn band.
Je bent nu voor de eerste eerste keer op tournee in Europa voor een tournee met negen optredens. Je was in Oostenrijk, Tjsechië, Duitsland, Slovakije, Frankrijk en België. Vandaag in Nederland is het je laatste concert. Hoe verliep de kennismaking met Europa en is er een verschil tussen het publiek in de USA en Europa?
Er is een groot verschil tussen het publiek in Europa en in de States. Ik heb duidelijk het gevoel dat het publiek hier de muzikanten en de muziek meer appreciëren dan in mijn land. In mijn land zijn de mensen misschien wel verwend op dat gebied. Er zijn zoveel goede bands en muzikanten, dat het niet vlug als iets speciaal wordt ervaren als je als band op het podium staat. Hier in Europa is het publiek veel enthousiaster en ze luisteren ook naar de muziek. In de Verenigde Staten wordt er dikwijls gegeten terwijl de bands aan het spelen zijn of is het publiek met hun smartphones bezig. Een concert is meer een sociaal gebeuren in de USA. Hier komen de mensen naar een concert om naar de muziek te luisteren en ze appreciëren ook meer wat de muzikanten doen op het podium en daar hou ik wel van. Ik hou een erg goed gevoel over aan de negen concerten in Europa en hoop dat ik in de nabije toekomst mag terugkomen voor een reeks nieuwe concerten in clubs of festivals. Deze Europese tournee was een geweldige ervaring. We hadden wat tegenslagen, zo blies ik mijn versterker op en kregen we een grote panne aan onze tourbus. Dit kon niet dadelijk gerepareerd worden en we vonden niet dadelijk een wagen die even groot was. De enige oplossing was wat materiaal achterlaten in Frankrijk. Zo moest Scott Phillips de concerten in België en hier in Vlierden afwerken met alleen zijn basdrum, snaredrum, hihat en een paar cymbalen. Ook de Leslie voor de keyboards moesten we in Frankrijk achterlaten.
Op welke leeftijd leerde je gitaar spelen en vanaf welke leeftijd wist je dat de gitaar jouw instrument was?
Ik kreeg mijn eerste gitaar van mijn ouders toen ik elf jaar was. Ze betaalden bovendien vier lessen om gitaar te leren spelen. Ik moest hen wel beloven dat ik die vier lessen wilde volgen en dat ik regelmatig wilde oefenen. In die tijd luisterde ik zoals al mijn vrienden naar rockmuziek van Led Zeppelin, ZZ Top en soortgelijke bands. Dus wilde ik dat soort gitaar leren spelen. Toen ik naar de eerste les ging was mijn ontgoocheling groot want daar leerde men liedjes spelen zoals ‘Michael Row The Boat Ashore’ en dat was natuurlijk niet de muziek die ik wilde leren. Omdat ik mijn moeder beloofd had dat ik zou oefenen op de gitaar en zij niets hoorde, pushte zij mij constant. Omdat zij zo bleef aandringen probeerde ik op mijn gehoor nummers na te spelen die ik wel graag hoorde en na drie weken lukte me dat vrij aardig. En vanaf dat moment ging het steeds maar beter en beter.
Een Fender Stratocaster is jouw favoriete gitaar. Was dat al vanaf het prille begin en wat maakt de Fender Stratocaster zo speciaal voor u?
Ik heb altijd van de Fender Stratocaster gehouden, maar ook van de Gibson Les Paul. Verscheidene van mijn favoriete gitaristen spelen op een Gibson en zelf heb ik er ook wel een paar. Om de één of andere reden grijp ik toch steeds terug naar de Fender Stratocaster. De Strat waar ik nu mee speel heb ik gekregen van een goede vriend, die ondertussen gestorven is. Het is een goedkopere Stratocaster, ik denk een Mexicaanse. In het begin dat ik ze had klonk ze niet erg goed en daardoor bleef ze verscheidene jaren in mijn kamer staan. Op een bepaald moment besloot ik er Lindy Fralin pickups op te zetten zodat ik een andere sound zou verkrijgen. Het resultaat was verbluffend en sindsdien is die Strat één van mijn lievelingsgitaren.
Ik las ergens dat je de blues en bluesrock pas ontdekt hebt op zestienjarige leeftijd toen je ‘Red House’ van Jimi Hendrix hoorde. Naar welke muziek luisterde je voor die periode en welk effect had ‘Red House’ op u?
Zoals al mijn vrienden luisterde ik naar rock muziek, één van die vrienden was een paar jaar ouder dan ik had juist zijn rijbewijs behaald en had een groene Ford Pinto. Op een bepaald moment vroeg hij of ik geen zin had om een eindje met hem rond te rijden. In die tijd waren er nog cassetterecorders in de auto’s en hij stak een cassette in en daar stond ‘Red House’ van Jimi Hendrix op. Ik wist niet wat ik hoorde, want ik had nog nooit dat soort muziek gehoord en ik had nog nooit iemand zo gitaar horen spelen als Jimi. Ik had meteen kippenvel op mijn armen toen ik Jimi ‘Red House hoorde spelen en ik wist meteen dat dit het soort muziek was dat ik wilde spelen. Ik vroeg aan mijn vriend wie die geweldige gitarist was en toen ik dat wist ging ik zijn muziek opzoeken en probeerde zijn muziek en zijn gitaar riffs na te spelen. Later ging ik dan ook naar muziek van andere blues gitaristen zoals Freddie King, Johnny Winter en Stevie Ray Vaughan luisteren. Nog wat later volgde Muddy Waters, Howlin’ Wolf, Lightning Hopkins enz.. Vanaf dat moment beheerste de blues en de bluesrock mijn leven.
In het begin van je carrière speelde je in je eigen opgerichte band, waarin jullie bijna uitsluitend songs van Stevie Ray Vaughan speelden. Waren jullie een echte tribute band?
Mijn eerste band heette Code Blue en Code Blue betekent in Amerikaanse hospitalen het alarmsignaal. Met Code Blue speelde we wel veel materiaal van Stevie Ray Vaughan, maar we speelden ook materiaal van Albert King, ZZ Top en Gary Moore. Stevie Ray Vaughan stierf op 27 augustus 1990 en er was er een club in Tampa, waar we regelmatig speelden en die wilden dat we op 27 augustus 1991, juist een jaar na Stevie zijn dood wilde optreden met alleen Stevie Ray Vaughan songs. Dit als eerbetoon aan deze geweldige gitarist. Ze wilden ook dat we gekleed waren zoals Stevie Ray Vaughan en zijn band. We hadden daar niet zoveel zin in omdat we onze eigen muziek wilden spelen. Maar die mensen wisten ons toch te overtuigen omdat er zo heel wat geld kon ingezameld worden voor de Stevie Ray Vaughan Memorial Foundation, waar al het geld naartoe zou gaan. We hebben dat een paar jaar gedaan, maar we wilden geen copy zijn van een overleden blues legende, we wilden ons eigen muziek spelen.
Nu je over blueslegendes spreekt, je hebt in je gitaarspel, je stem en je uiterlijk wel wat van Gary Moore. Vooral in de tragere nummers valt de gelijkenis op wat het gitaarwerk betreft.
Dank je dat is een groot compliment. Dat mijn stem wat op die van Gary Moore lijkt heb ik nogal gehoord. Wat het gitaarwerk betreft zou ik willen dat ik zo goed kon spelen als Gary.
Vreemd is dat in 1998, het jaar dat je gitarist werd bij Sumlin, ook je debuutalbum ‘Strong Temptation’ verscheen. Heb je dat album voldoende kunnen promoten als gitarist bij Hubert Sumlin?
Misschien niet. Het album verscheen in het begin van het jaar en we waren eigenlijk net bezig om het album te promoten toen we de kans kregen om bij Hubert te gaan spelen. Eens bij Hubert was er nog weinig tijd over om het album te promoten. Bij onze eerste ontmoeting vertelde Hubert Sumlin me dat hij het album ‘Strong Temptation’ kende, dat hij het al regelmatig beluisterd had en dat hij het een geweldig album vond.
Mag ik zeggen dat je eigenlijke solo carrière eigenlijk begon met het album ‘Ten Til Midnight’ uit 2009? Dat schitterende album kreeg overal lovende recensies. Wat veranderde er voor jou na dit album?
Ja, ik denk wel dat je het zo mag stellen. Na ‘Ten Til Midnight’ veranderde alles toch wel en konden we op betere en grotere locaties spelen.
Nadien maakte je nog enkele schitterende albums zoals het album ‘Live From The Long Island Warehouse’ dat door het Canadese Blues Underground Network verkozen werd tot beste live album van 2011. Ook in Europa kreeg het album de nodige aandacht want het Duitse magazine Wasser Prawda plaatste het album bij de drie beste live albums van 2011. Waren er toen al plannen om naar Europa te komen?
Ik probeer al jaren naar Europa te komen. ‘Live From The Long Island Warehouse’ en ook het vorige album verkochten goed in Europa. Ik kreeg ook regelmatig berichten van mensen die vroegen wanneer ik naar Europa zou komen. Diep in mijn hart had ik het gevoel dat ik het zou kunnen maken in Europa, maar we hadden geen manager die ons naar hier kon brengen. Niemand die de muziekbusiness hier kende. Gelukkig kwam ik Theo en Martin Brouwers tegen, die in mij geloofden en mij toch wisten te overtuigen om naar Europa te komen. Daarna was het nog een zoektocht naar een manager en die vonden we in Ray Bodenstein. Ik ben gelukkig en dankbaar dat het eindelijk gelukt is om voor mijn Europese fans te mogen spelen.
In 2017 verscheen het schitterende album ‘Trouble & Whiskey’ en op 19 oktober van dit jaar verscheen de al even sterke opvolger ‘Welcome to My Blues’. Voor deze twee albums werkte je samen met producer Ben Elliott, die al samenwerkte met Eric Clapton, Bily Gibbons en Keith Richards. Ben je tevreden over de samenwerking met Ben en welke meerwaarde voegt hij toe aan je muziek?
Ben Elliott heeft bijzonder goede oren, maar ik  zal je eerst een leuk verhaal vertellen. Juist voordat ik stopte bij Hubert Sumlin, speelde mee ik op twee songs van zijn album ‘About Them Shoes’ een tribute aan Muddy Waters. Mick Jagger, Keith Richards, Eric Clapton, Levon Helm en nog vele andere groten uit de muziekwereld speelden mee op dat album. Het werd opgenomen in de American Showplace Studio met Ben Elliott als producer in het begin van deze eeuw. Een paar jaar geleden tekende ik een platencontract bij American Showplace Music en stond ik na zoveel jaren terug in dezelfde studio en met dezelfde producer als toen.
Zijn jullie dan altijd in contact gebleven?
Nee, nee, nee, mijn radiopromotor Rick Lusher is bevriend met Ben Elliott. Rick zei me op een bepaald moment dat hij iemand kende die wel interesse had in mijn muziek en met mij wilde samen werken aan een nieuw album. Toen ik hoorde dat het Ben Elliott was, heb ik dadelijk ja gezegd. Ik had het gevoel dat de cirkel rond was. Nu verder over Ben. Buiten heel goede oren weet hij heel goed hoe een gitaar moet klinken. Hij steekt ook veel tijd in het juist zetten van de versterker, de microfoon enz. Hij is een perfectionist en blijft herhalen en proberen tot hij helemaal tevreden is. Hij is de persoon die het beste uit elke muzikant kan naar boven halen. Hij weet ook hoe hij een gitaaralbum moet mixen en bovendien voelen Ben en ik elkaar erg goed aan in de studio en dat is ook heel belangrijk. Ik hoop om nog een paar albums samen met hem te mogen maken. Ben heeft een heel groot aandeel in de sound en het succes van ‘Trouble & Whiskey’ en ‘Welcome To My Blues’.
Hoe noem jijzelf de stijl van muziek die je speelt?
Een mix van blues en bluesrock.
Laat ons het hebben over je nieuwe album ‘Welcome To My Blues’, dat een goede mix is van verschroeiende bluesrockers met zinderend en vingervlug snarenwerk en intense slowblues nummers met gevoelvol snarenwerk. Als je een keuze moet maken als gitarist, naar welke van de twee stijlen gaat je voorkeur dan uit?
Als ik eerlijk moet zijn speel ik liever slowblues nummers als ‘In The Wintertime’, ‘Trouble & Whiskey’ en ‘Cherry Red Wine’. In het begin speelde ik veel meer energieke bluesrockers met snel en verschroeiend gitaarwerk. Wie naar mijn concerten komt merkt ook dat er veel uptempo songs op de setlist staan. Maar als muzikant groei je en maak je progressie en ik merk hoe langer hoe meer dat ik meer naar de slowblues ga met melodieus gevoelvol gitaarwerk. In dat intens snarenspel kan ik heel mijn hart en ziel kwijt en ik zie mij dan ook meer en meer naar dat soort muziek evolueren.
Goede voorbeelden op je nieuwe album ‘Welcome To The blues’ zijn de prachtige slowblues ‘Keep Movin’ On’ en ‘Cherry Red Wine’ een cover van de Luther Allison klassieker . Ik kreeg dadelijk kippenvel van je sublieme gitaar spel op beide nummers. Waarom koos je voor deze Luther Allison cover?
Ik koos voor deze song omdat ik erg veel van de muziek van Luther Allison hou en omdat ik nog een slowblues nodig had op mijn album. Ik wilde ‘Cherry Red Wine’ al een hele tijd spelen tijdens mijn concerten. Toen ik daarover sprak in de studio was iedereen akkoord om het op te nemen en nu ben ik erg blij dat we dat gedaan hebben, want het is echt een top song.
Je gebruikt ook weinig effectpedalen op je albums en tijdens je concerten. Is daar een reden voor en welke pedalen gebruikte je vandaag?
Soms zijn ze nodig, maar er wordt ook vaak mee overdreven. Deze namiddag gebruikte ik een Boss Tuner pedaal, een Boss Overdrive pedaal dat ik gebruikte als boost pedaal tijdens mijn gitaarsolo’s en een oude Boss Chorus pedaal om een gitaar Leslie te simuleren.
We hadden nog uren kunnen praten met deze erg vriendelijke en gezellige muzikant, maar men was al twee keren komen zeggen dat het eten klaar was. Sean wilde gerust verder praten en zei dat het eten wel zou wachten op hem, maar we besloten om toch maar te stoppen zodat Sean Chambers zijn voorlopig laatste warme maaltijd op Europese bodem kon gaan verorberen. We wensen hem, zijn vrouw en zijn muzikanten nog een veilige vlucht terug naar de USA en we hopen hem snel terug te zien want Sean Chambers is zonder twijfel een aanwinst voor onze Europese bluesclubs en festivals.
Interview : Walter Vanheuckelom
 

 

Sean Chambers (Review RockTimes)

Sean Chambers, Support Bourbon Street – Konzertbericht, 16.12.2018, Zaal Thijssen, Deurne-Vlierden (NL)

…auf der Bühne, Blues
  1. Dezember 2018
Von Joachim ‘Joe’ Brookes
Künstler: Bourbon Street, Sean Chambers Musikstil: Blues, Blues Rock
Location: Keeping The Blues Alive.nl, Zaal Thijssen Deurne-Vlierden (NL)

 

Sean Chambers’ Tourtermine für Anfang bis Mitte Dezember 2018 waren fest in europäischer Hand.
Laut der Keeping The Blues Alive.nl-Facebook-Seite war es »[…] his first tour on the continent. […]«
Hinzu kam, dass der Gig in Deurne-Vlierden der einzige Auftritt in den Niederlanden war. Einmalig spielte der US-Amerikaner auch ein Konzert in Deutschland (Blues Club Chiemgau, Rimsing). Außerdem machte der Blues-Rocker Station in der Slowakei, Tschechien, Frankreich sowie Belgien. Im Gepäck befand sich unter anderem sein Album aus dem Jahr 2018 Welcome To My Blues.
Bourbon Street ist eine vierköpfige Blues-Band aus Belgien und selbst bezeichnet man die Musik als »Blues with a Twist« oder »Blues that rock’s«
Alle Bourbon Street-Musiker haben eine mehr oder weniger bewegte Vergangenheit hinter sich. So spielte der niederländische Gitarrist René Niessen unter anderem bei Honeytrap, Blues Bomb oder D.C. Dedly’s.
Mario Jossels aka ‘Little ‘M’ ist der singende Bassist der Band. Zwischen 1988 und 1990 trommelte er bei Matt’s Madhouse. Danach spielte er bis 1994 in der Gruppe Bluesin’ Hoegies Gitarre und nach einer Pause stieg er als Bassist bei Two Inch Barrel ein. Seit 2010 zupft er die dicken Saiten bei Bourbon Street.
Luc Boonen aka ‘Daddy Bean’ ist der Harper der Band. Auf seiner Visitenkarte stehen Midnight Ramble, Chebul.
Chopstick Willie’, mit bürgerlichem Namen Wilfried Claesen, spielte bereits in einer Schulband Schlagzeug. Der Wehrdienst legte das Trommeln sozusagen auf Eis und irgendwann wechselte er das Instrument und »[…] decided to go to the Pop & Jazz Academy in Genk where he graduated cum Laude on guitar. […]«  Nach einigen weiteren Stationen wie zum Beispiel The Blueskeeters fand der Schlagzeuger seine Heimat bei Bourbon Street.

 

 

 

Bourbon Street beim Keeping The Blues Alive.nl

Schmuddelwetter draußen, im Zaal Thijssen murkelig warm. So konnte der Blues bei einer beträchtlichen Zuschauermenge kurz nach 15:00 Uhr los gehen.
Während ihres Gigs sorgte Bourbon Street für ordentlich gute Laune im Rund der Location.

Die Mischung aus eigenen Kompositionen sowie Coversongs gab eine tollen Einblick in die Fähigkeiten der Formation. Das Quartett servierte neben Nummern aus dem Slow Blues-Bereich auch klasse Songs des Blues-Ablegers Boogie. So sorgte der “Judgment Day Blues” für mächtig gute Laune und das in Anlehnung an Popa Chubby groovende “Lip Service” gehörte zu einem der Highlights des Gigs.
Der singende Bassist punktete nicht nur mit seiner Dynamik auf den dicken Saiten, sondern auch durch seine raue Stimme, die sowohl zur verlangsamten wie auch flotten Version des Zwölftakters passte. Außerdem spickte man den Auftritt mit Gitarren- beziehungsweise Harp-Soli. René Niessen und Luc Boonen gaben sich da reihenweise die Einzelaktionen-Klinke in die Hand, spielten in tollen Frage-Antwort-Situationen oder unisono zusammen. Feeling und Virtuosität sorgten für Szenenapplaus. Klasse!
Bei “Never Forgotten” ging es in Richtung Country Blues mit Lagerfeuer-Romantik und dem wohl sentimentalsten Instrumentalteil des Auftritts.
Wilfried Claesen sorgte stets für den passenden Beat/Groove und Luc Boonen entpuppte sich als ein Meister der herrlichen Harp-Fills. Er setzte sein Highlight, als er in der Nähe des Bühnenrands ein beseeltes Solo im Knien spielte. Perfekt! Beifall!
Mario Jossels hielt sich quasi nur beim Singen an einem festen Punkt auf. Er war sozusagen überall auf der großzügigen Bühne unterwegs.
Bei den “Monday Lovers” schraubte man für ein sinnliches Intermezzo die Dynamik runter und der Hutträger René Niessen liebäugelte phasenweise mit dem Sound eines Stevie Ray Vaughan.
Bei der letzten Nummer vor der rockenden Zugabe “Drunk” sorgte Wilfried Claesen durch sein Schlagzeug-Solo für Begeisterung. Am Ende des Gigs hatte man Bourbon Street nicht nur in der Rolle des Einheizers gesehen. Wie oben zitiert, gab es ‘Blues that rock’s’ und mehr in überzeugender Art und Weise präsentiert. Toll!

Line-up Bourbon Street:

René Niessen (guitars)
Mario Jossels (bass)
Luc Boonen (harmonica)
Wilfried Claesen (drums)

 

Geradezu locker eröffnet Sean Chambers und seine vorzügliche Band den frühen Nachmittag mit dem herrlich groovenden Instrumental “Chicken Shack”. Zur Solo-Vorstellungsrunde gehörte natürlich der Frontmann und Keyboarder Rick Curran, der noch öfter die Gelegenheit bekam, sich kompetent in Szene zu setzen. Bei einem Blick in die Zuschauerrunde bemerkte man ordentlich Bewegung in der Masse. In langsamerer Geschwindigkeit packten Sean Chambers & Co. in Form von “Full Moon On Main Street” ein wunderschönes Geschenk in den Adventsstiefel und auch diese Nummer sollte nur einer der strahlenden Sterne der vorweihnachtlichen Blues-Zeit im Zaal Thijssen sein.
Blues Rock-Alarm in der Location. Die Sean Chambers Band entfachte eine wahren 12-Takter-Wirbel, als das Quartett wie ein Feuerwerk “Ten Til Midnight” auf das Publikum losließ. Mit einer wohl temperierten Härte und erhöhter Geschwindigkeit entledigte sich die Formation von einem gewissen Teil des Adrenalinspiegels.
Aus der Abteilung Blues-Sandards bot der Bandleader mit dem Rückwind einer tollen Begleitband einige klasse Coversongs auf. Unter anderem gab es inspirierte Interpretationen von “Cherry Red Wine” (Luther Allison), B.B. Kings “Be Careful With A Fool” oder “Choo Choo Mama” von Ten Years After.
“You Don’t Love Me” widmete er Gregg Allman und fügte dieser Nummer selbstredend einen Southern Rock-Touch bei.
Das Bottleneck hatte während der gesamten ersten Spielzeit Pause. Erst nach der zirka halbstündigen Zeit am Verkaufsstand kam das Metallröhrchen zum Einsatz. Und wie! In “Red Hot Mama” slidete der Protagonist mit Rock’n’Roll-Verstärung und bei einem Sean Chambers-Konzert ohne einen Bezug zu Hubert Sumlin würde wohl ein wichtiger Bestandteil fehlen. Die Howlin’ Wolf-Nummer “Killing Floor” sollte für eine dicke Gänsehaut sorgen. Toll!
In den Gefilden des Slow Blues steigerte sich der Frontmann in einem Solo aus der Gelassenheit hin zur Ausgelassenheit und zeigte, dass auch er die ganz großen Töne des Blues beherrschte.
Die Dramaturgie des Gigs hatte es in sich. Die Coversongs über die lange Konzert-Distanz schön verteilt, brachte Sean Chambers die Begeisterung zum Brodeln als er nur den “Bullfrog Blues” von Rory Gallagher angekündigte. Abgefeiert wurden Sean Chambers und seine Band dann auch in der Zugabe, die gar nicht lange auf sich warten ließ.
Mit viel Druck nach vorne, einer Einkehr beim Slow Blues und gekonnten Cover-Versionen kamen die Zuschauer voll auf ihre Kosten. Man kann nur hoffen, dass Sean Chambers mit dieser beeindruckenden Band bald wieder den weg nach Europa findet.
Am 20. Januar 2019 gibt es ein besonderes Konzert. Giles Robson wird mit einer speziell für diesen Termin von ihm zusammengestellte Blues Alive Revue auftreten. Als Support wird die von Jose Ramirez sowie Thomas Toussaint gebildete Ramirez/Toussaint Band angekündigt.
RockTimes bedankt sich bei Theo und Martin vom KeepingTheBluesAlive.nl für den Platz auf der Gästeliste.

 

Line-up Sean Chambers:

Sean Chambers (guitars, vocals)
Rick Curran (organ, keyboards)
Todd Cook (bass, backing vocals)
Scott Phillips (drums)